16 juni 2009

Aflevering 017: Een moeilijke beslissing

Ja, in het dorp gonsde het van geruchten. Er waren er nog die dachten aan emigratie zoals Jean Baptiste Bero, Grégoire Tays en Gustave Lerat. En ook François Xavier Heraly uit Corroy-le-Grand sprak er over. “En naar het schijnt wordt alles goed georganiseerd”, zo werd verteld.

Inderdaad, de uittocht uit België werd goed georganiseerd. We zagen dat de erbarmelijke economische situatie van het jonge België één van de voornaamste push-factoren was, maar ook de Belgische staat pushte haar landgenoten de oceaan over. Op die wijze kon ze misschien het aantal behoeftigen in eigen land verminderen. Sinds 1844 waren er reeds meerdere pogingen geweest om een gesubsidieerde uittocht te organiseren. Soms mislukte het een nederzetting op te richten, een enkele keer slaagde men. De Belgische Staat kwam tegemoet door subsidies en leningen te geven maar dit bleek toch niet voldoende. Alles leek in een stroomversnelling te geraken toen Adolphe Strauss, een wervingsagent voor de Antwerpse haven en zijn kompaan J.J. Streykmans uit het Waals Brabantse Walhain, hun schouders onder de zaak zetten. Zij zagen er niet tegenop om de dorpjes af te struinen en in de cafés pamfletten achter te laten waarin de Verenigde Staten als het land van melk en honing werden afgespiegeld. Per immigrant kregen zij 5 fr. Een landbouwwerkman verdiende destijds 9 tot 10 stuivers per dag (81 tot 90 centiem). Lokale kranten zoals de Gazette de Jodoigne publiceerden reclameboodschappen en de rest van het verhaal ging van mond tot mond.

En zo gebeurde het dat op 17 mei 1853 de driemaster de Quinnebaug met als kapitein S.E Rankins afvoer richting New York met aan boord zo’n 180 passagiers waaronder 81 personen uit de regio Grez-Doiceau. Van deze 81 personen waren er 74 Waalssprekenden en 7 Vlaamstaligen. Zij vertrokken voor een reis van ongeveer 2 maanden op zee een onbekende toekomst tegemoet. Jean Baptiste Joniaux, die slechts een 10-tal km van Grez-Doiceau woonde, bleef – althans voorlopig – thuis met zijn familie, maar moet hun massaal vertrek van dichtbij gevolgd hebben. Zou hij nog ooit iets van hen horen?